Schriftelijke vragen en antwoorden m.b.t. WFIA (CU-SGP)
Namens de fractie van de ChristenUnie-SGP, 18 april 2006, Helen du Bois en Klaas Schra
In het AD HAAGSCHE COURANT van 15 april staat een artikel mbt WFIA gebaseerd op een eigen onderzoek van de krant.
Reeds acht jaar volgt de fractie ChristenUnie-SGP de WFIA waarbij wisselend door ons enthousiast en terughoudend werd gereageerd. Reden: wat zeggen deze cijfers ons nu voor de Zoetermeerse economie en werkgelegenheid. Gebaseerd op de verkregen informatie is steeds positief gereageerd op een financiële bijdrage namens Zoetermeer, nu jaarlijks € 90.000. In het kader van de informatie die ons nu bekend is stelt de fractie ChristenUnie-SGP hierover de volgende vragen.
Vraag 1:
Is het college bekend met het artikel in het AD Haagsche Courant
van 15.04.06 mbt de WFIA?
Antwoord 1:
Ja.
Vraag 2:
Is het juist wat de directeur van het WFIA aangeeft dat de
feitelijk weergegeven cijfers in het jaarverslag van 2004 slechts
prognoses weergeven van “te verwachten arbeidsplaatsen over 5
jaar” zonder dat dit expliciet staat vermeld?
Antwoord 2:
Het is juist dat niet expliciet in de jaarverslagen is vermeld dat
het gaat om te verwachten arbeidsplaatsen, die door de betreffende
bedrijven zelf worden opgegeven.
Vraag 3:
Heeft de Raad van Zoetermeer extra informatie gehad van het college
waaruit blijkt dat deze cijfers geinterpreteerd moeten worden als
“prognose” cijfers? Zo ja, dan graag deze informatie
als bijlage toevoegen bij de beantwoording van deze vragen.
Antwoord 3:
Wij moeten constateren dat een expliciete vermelding van het feit
dat het gaat om prognoses niet is gegeven.
Vraag 4:
Zo nee, waarom heeft het college de raad niet geinformeerd over
deze “andere interpretatie”van cijfers.
Antwoord 4:
Het hanteren van verwachtingscijfers, op basis van informatie van
het betreffende bedrijf zelf, is bij de vestiging van nieuwe
bedrijven heel gebruikelijk. Los van het gegeven dat er altijd een
tijdgat zit tussen het moment van een geslaagde acquisitie en de
daadwerkelijk vestiging wordt daarbij ook rekening gehouden met een
opstartperiode tot het bedrijf volledig functioneert.
Wij hebben ten onrechte verondersteld dat dit niet een algemeen
bekend fenomeen is.
Vraag 5:
Is het college het met de fractie ChristenUnie-SGP eens dat er een
verkeerde voorstelling van zaken is gegeven?
Antwoord 5:
Wij zijn het in zoverre met uw fractie eens dat er wel een
onvolledige voorstelling van zaken is gegeven.
Vraag 6:
Op welk tijdstip wist het college voor het eerst dat deze
feitelijke cijfers gebaseerd waren op prognoses?
Antwoord 6:
Zie het antwoord op vraag 4.
Vraag 7:
Zijn er, kijkend naar de Zoetermeerse situatie, feitelijk minder
arbeidsplaatsen binnengehaald in 2004 dan de cijfers in het
jaarverslag 2004 doen geloven? Zo ja, dan graag de juiste en
onjuiste cijfers ( die zijn gepubliceerd) in een tweekolommen stuk
met de reactie van het college hierop.
Antwoord 7:
Een overzicht van de verschillende activiteiten die de WFIA voor
Zoetermeer heeft verricht en de resultaten daarvan is in
voorbereiding.
Vraag 8:
Kan het college aangeven wat de feitelijke resultaten zijn voor
Zoetermeer in 2005 ( aantal bedrijven, aantal arbeidsplaatsen en of
ze buitenlands zijn)? Zijn deze cijfers ook doorgegeven tbv het
jaarverslag van de WFIA voor 2005? Zo nee, welke cijfers zijn er
dan doorgegeven en waarom?
Antwoord 8:
Onder verwijzing van het antwoord op vraag 7, stellen wij dat het
Jaarverslag van de WFIA voor 2005nog niet is vastgesteld, mede in
afwachting van het externe onderzoek dat thans loopt.
Vraag 9:
Zijn de bedrijven mbt Zoetermeer ook daadwerkelijk
“buitenlandse” bedrijven en wat is het criterium om een
bedrijf als “buitenlands” aan te merken?
Antwoord 9:
Wij hebben vooralsnog geen reden dat geen sprake is van
buitenlandse bedrijven. Het kan daarbij ook gaan om al bestaande
buitenlandse bedrijven waar bv vanuit het buitenlandse hoofdkantoor
of het netwerk WFIA is gevraagd te assisteren bij verplaatsing.
Hetzelfde geldt voor binnenlandse bedrijven die door overname of
fusie vanuit het buitenland worden aangestuurd. Wij
gaan ervan uit dat uit het eerder genoemde externe onderzoek meer
concrete aanbevelingen zullen komen.
Vraag 10:
Kan het college een aantal voorbeelden aangeven van de laatste
jaren waaruit de werkelijke bijdrage bestaat vanuit Zoetermeer in
het regionale lobbybureau WFIA?
Antwoord 10:
De bijdrage vanuit Zoetermeer in de WFIA is vooral ( een bijdrage
in de ) personele capaciteit in de vorm van 1 fte. Daarnaast een
bijdrage in de bureau- en acquisitiekosten. In totaal is hiermee
€ 90.756,- per jaar gemoeid ( 2006).
Vastgesteld in de vergadering van 30 mei 2006,
de
secretaris,
de burgemeester,
(drs. J.
Dijkstra)
(drs. J.B. Waaijer)


